Einde garantieregeling voor banken?
Bij het zoeken van investeerders kunnen banken op dit moment nog gebruik maken van de garantieregeling van de Nederlandse overheid. Deze regeling werkt als volgt: partijen die geld in een bank steken, lopen door de regeling minder risico. Wanneer de bank niet meer in staat zou zijn om het geïnvesteerde bedrag terug te betalen, staat de overheid grotendeels garant. Recent maakte de Haagse bank NIBC, dat zich met NIBC direct op Nederlandse spaarders richt, bekend 3 miljard euro te willen lenen waarbij de genoemde staatsgarantie van toepassing is. Dit besluit van de bank valt samen met uitspraken van minister van financiën Wouter Bos, die het tijd vindt om de hulp aan banken op een lager pitje te zetten.
NIBC is niet de enige bank die door de overheid te hulp is geschoten. Eerder gingen ook banken als Aegon, ING en SNS Reaal met de relatief veilige overheidsgarantie op zoek naar partijen die hen geld wilden lenen. Deze banken zijn inmiddels weer in staat om zonder directe overheidsgaranties kapitaal aan te trekken. Dat NIBC dit nog niet lukt geeft op zijn minst aan dat mogelijke investeerders nog geen groot vertrouwen hebben in de financiële positie van de bank. In totaal heeft de bank voor in totaal 6,4 miljard euro geleend met overheidsgarantie.
Zekerheid kost geld
Tijdens de crisis is duidelijk geworden dat de financiële steun en de garanties van de overheid niet belangeloos verstrekt worden. Banken die staatsgeld geleend hebben, betalen hiervoor een forse rente en in bepaalde gevallen ook nog een vergoeding die afhankelijk is van de koers van de aandelen van de bank. Deze kosten vormen voor de banken een prikkel om zo snel mogelijk weer op eigen financiële benen te staan en hulp van de overheid tot een minimum te beperken. Ditzelfde geldt ook voor de garantie die de overheid geeft wanneer een bank geld leent. De banken betalen aan de overheid een bepaald percentage over de bedragen waarvoor de garantie geldt. Dit percentage kan door de overheid verhoogd worden. Op termijn is de verwachting dat de regeling weer komt te vervallen. Banken moeten in dat geval particuliere spaarders en professionele investeerders zonder overheidshulp ervan overtuigen dat het geïnvesteerde (spaar)geld in veilige handen is.
Wat voelt de klant hiervan?
Het verminderen van overheidssteun kan het ertoe leiden dat met name banken met een verhoogd risicoprofiel hun spaarrente verhogen. Dit omdat het zonder de overheidsgarantie lastiger is om geld aan te trekken van professionele investeerders. Het vergaren van spaargeld van particulieren is dan een relatief voordelig alternatief. Echter, de hoogte van spaarrentes wordt beïnvloed door meerdere factoren.

